Noorwegen - Hardangervidda




Karakterestieken van de tocht

Gelopen traject: Wandeltrektocht van 10 dagen van Finse naar Tyssedal
(Finse, Rembesdalseter, Kjeldebu, Dyranut, Sandhaug, Besså, Litlos, Tyssevassbu, Tyssedal)
Periode: augustus 2002
Zwaarte: vaak goede (oneffen) paden, maar ook klauteren over soms gladde stenen, doorwaden van waterstromen, oversteken van sneeuwresten.
Markeringen: Rode T's op steenmannetjes. Eerste deel uitstekend gemarkeerd. Het laatste gedeelte van de route moet er regelmatig naar het volgende steenmannetje gezocht worden, terwijl er niet duidelijk een belopen pad zichtbaar is.
Overnachtingen: Wildkamperen en kamperen bij een DNT-hut

Informatie   -    Fotoboek   -    Routekaart

Foto 9

foto 10

foto 3

foto 4

foto 5


Reisverslag
Vliegen
Met de schipholtaxi is een te optimistisch tijdstip van vertrek afgesproken. Vervolgens komt de taxi ook nog eens (½ uur) te laat. Met deze taxi rij je samen met anderen, die in het meest ongunstige geval eerst nog uit bed getrommeld moeten worden. Eens een keertje geen files, dat is weer een meevaller. Om 8.30 uur toch nog op schiphol aangekomen. Vlug uitstappen en naar de incheckbalie lopen. Bij de incheckbalie blijkt dat Tea haar flightbag (voor de rugzak) verloren is. Nog even vlug terug en gelukkig heeft de taxi-chauffeur nog gezien dat er iets in zijn taxi is blijven liggen en heeft hij de flightbag tegen een plantenbak gezet
Na het inchecken moet de volgende hindernis genomen worden. Maar ... Tea wordt gesnapt bij het detectie poortje. Als rugzaktourist wil je natuurlijk altijd een zakmes bij je hebben maar in het vliegtuig hoort deze in je rugzak te zitten. Even niet aan gedacht. Wij kunnen kiezen: het zakmesje in leveren of het alsnog laten inchecken. Dat laatste hebben wij maar gedaan hoewel de kans groot is dat het zoek raakt (wat dus ook gebeurde). In de tussentijd dat Tea terug naar de incheckbalies gaat, lopen er nog verschillende rugzakkers "tegen de lamp".
Doordat wij later incheckten is er geen zitplaats meer bij het raam. Zelfs naast elkaar zitten kan niet (dankzij die slaapkop). Toch heb ik nog geluk. Diegene met zitplaats bij het raam zit liever in het midden zodat ik bij het raam kan zitten. Tja, wij vliegen niet zo vaak en dan wil natuurlijk wel graag bij het raampie zitten. Na 1.35 uur vliegen land het vliegtuig in Oslo.
Jammer dat men op schiphol "vergeten" is om de rugzak van Tea in te laden. Dat betekend dus een dag vertraging, want al zou de rugzak met het volgende vliegtuig mee komen, dan zullen wij al te laat zijn voor de trein naar Finse. Er zit niets anders op om in Oslo een hotel te zoeken. Toevallig weten we nog een goed hotel van een vorige vakantie. Bijkomend voordeel is dat wij nu alle tijd hebben om brandstof voor de brander te vinden. In het vliegtuig wordt je namelijk geacht geen brandstof mee te nemen. Wel zo veilig. Op het internet hadden wij al gelezen dat dat nog niet zo eenvoudig is om in Oslo brandstof te vinden. Redelijk vlug vinden wij een sportzaak / outdoor winkel waar ons brandertje ook wordt verkocht. Daar zullen ze dan ook wel brandstof hebben (of weten waar je het kunt kopen). Brandstof (lampenolie of lampe parafin op zijn noors) blijk je bij een tankstation te kunnen kopen. Van brandstof zoals Coleman brandpuntbenzine hebben ze nog nooit gehoord. Jammer, dat hadden we liever gehad. Ook nog even naar het winkeltje van de DNT en dan wordt tijd om te eten. In de stad zien we een leuk steegje/poortje dat uitkomt op een binnenplaats. Het blijkt een restaurant te zijn. Over de binnenplaats hangen kris kras waslijnen met was (lange onderbroeken, BH's en zo). Hé gezellig ...

Laatste hut dat we voorbij lopen in omgeving Finse
Finse
Het is mogelijk om een (hele) vroege trein te nemen. Dat doen wij dus lekker niet, het is vakantie! Wij willen rustig wakker worden en op ons gemak kunnen ontbijten. Daarna rustig naar het station lopen. De trein blijkt alleen nog zitplaatsen te hebben in het rokersgedeelte. "Maar ... ", zei de mevrouw aan de balie, "er zitten daar vaak niet rokers, dus de rook valt dan mee". Wat ze vergeet te zeggen is dat de rokers uit de rest van de trein naar dit gedeelte van de trein komen om te paffen. Het valt dus niet mee en wij zijn blij dat wij om 15.11 uitgerookt uit de trein kunnen stappen.
Finse, daar waren we 3 jaar geleden ook al eens uit de trein gestapt. Het is een klein dorpje of kun je het beter een gehucht noemen? Finse ligt op 1222 meter en is met de auto niet bereikbaar. Het bestaat uit een hotel (met een klein winkeltje!), een (bemande) DNT-hut en nog wat hutjes in de omgeving. De grootste bezienswaardigheid voor de bewoners (voor zover die hier zijn) is de trein die een paar keer per dag stopt. Er is zelfs nog een klein museum over de aanleg van de spoorbaan van Oslo - Bergen. Finse is minder indrukwekkend dan 3 jaar geleden. Het weer is somberder en er ligt niet zoveel sneeuw(-restanten) als de vorige keer. Bij het hotel zit nog steeds een klein winkeltje dat nog open is ook. Er is nog tijd om even snel boodschappen te doen (vers fruit etc). Daarna op stap. Wanneer wij het laatste hutje van Finse voorbij zijn, vinden wij een geschikt kampeerplekje aan een meertje. Helaas is er geen geschikt drinkwater voorhanden, want door het stroompje dat redelijk dichtbij is, stroomt waarschijnlijk gletsjer water. In de verte zien wij wel een waterval met helder water. Even water halen kost toch wel haast twee uur tijd, maar het is dan ook heerlijk water (en we hebben vakantie, dus alle tijd).

zomerbrug
Zomerbrug
Ons voornemen is om steeds rond 8 uur op te staan en om dan rond een uur of 10 te vertrekken. De eerste dag lukt dat al aardig. Wij gaan omhoog de bergen in en het pad is redelijk eenvoudig te vinden. Althans, opeens is het pad niet meer te zien. Dan maar weer even terug naar het laatste "rode T-tje". Het pad blijkt linksaf te slaan over een sneeuwmassa heen.
Over de eerste top is het uitzicht schitterend geworden. In de verte is één van de gletsjertongen van de Hardangerjøkulen te zien. Het landschap wordt eigenlijk steeds mooier en het weer valt ook nog mee. Het is geen zonovergoten dag maar het is voornamelijk droog. Af en toe een zomerbrugje die steeds hoger en langer lijken te worden. Vooral het trapje naar boven en weer naar beneden is lastig te nemen. Wij hadden verwacht meer afstand te kunnen afleggen, maar het wordt tijd om een leuk kampeerplekje op te zoeken.

Rembesdalseter Gletsjer
Rembesdalseter
Opstaan en inpakken gaat weer volgens planning en het is gelukkig nog droog. Dat duurt niet zo lang meer. Het pad naar beneden wordt steiler en door de regen hier en daar ook glad. Onderweg komen we twee Nederlandse studenten tegen. Altijd leuk om te horen welke route zij gelopen hebben en hoe dat is bevallen. Zij hadden een alternatieve route moeten volgen omdat de oorspronkelijke route geblokkeerd is geraakt door rotsblokken en dergelijke. Die alternatieve route liep langs een steile afgrond. Volgens hun 800 meter boven het water. Het maakt niet uit of het 80 of 800 meter is. Het is beide eng. Het meisje heeft daar lichtelijk hoogtevrees ontwikkeld. Wij waren er waarschijnlijk niet langs gegaan. Hoogtevrees hoeft ik niet meer te ontwikkelen, die heb ik al. Rond 13.00 uur komen we bij de onbemande hut Rembesdalseter. Wij schatten dat wij nu ongeveer 13 uur gelopen hebben (vanaf Finse, exclusief pauze). Volgens de kaart doet de "gemiddelde" Noor dit in 7 uur. In de hut kunnen wij lunchen en tegelijkertijd schuilen voor de regen. Om 14.00 uur moeten wij dan toch echt weer verder. Op de kaart lijkt het of wij niet veel steile stukken krijgen, maar langs het stuwmeer is het toch behoorlijk klauteren geblazen over gladde stenen. Gelukkig moeten wij naar boven en niet naar beneden.
De gletsjer komt steeds dichterbij. Wanneer wij even stil staan om van het uitzicht te genieten, breekt er net een stuk van de ijsmassa af. Een imposant gezicht.
Nadat wij over het snel stromend riviertje met smeltwater van de gletsjer heen zijn (16.00 uur) moeten wij bij een vrij steile "wand" omhoog. Zo lijkt het van een afstand. Eigenlijk bestaat de wand uit allerlei plateaus waarbij het langzaam omhoog gaat. Minder eng of vervelend dan verwacht, maar de stenen zijn wel glad van de regen en daarom doen wij het rustig aan. Van een afstand lijkt het erger dan dat het werkelijk is. Het is soms puzzelen waar je het beste langs kunt gaan en waar je met de meeste grip kunt lopen. Anderen gaan sneller (zelfs met een gitaar in de hand), maar wij glibberen ook minder over de stenen. Aan de andere lopers kon je wel zien dat er meerdere keren gevallen en gestruikeld is. Gat in het kruis en grote modderplakkaten op de broek. Om 18.30 uur zijn wij eindelijk bij de splitsing van 3 paden bovenaan. De Noren zouden vanaf de hut er maar één uur over doen, wij dik 4 uur. Om 19.00 vinden we een leuk plekje voor de tent weer met stromend water (wat een luxe) en prachtig uitzicht op de gletsjertong.

Soms toch vooral ook eens achterom kijken Ik heb net aangetoond dat het doorwaadbaar is, maar het is krap.
Modderzombies
Vandaag schiet het lekker op. Zo af en toe ook even achterom kijken want in de verte kunnen wij nog steeds de enorme gletsjertongen zien. Zijn de zomerbruggen op? Bij een aantal stroompjes moeten wij het zonder deze hulpmiddelen de overkant bereiken. Juist nu wij handigheid in de overwinnen van de zomerbruggen hebben gekregen. Ik mag altijd als eerste aantonen dat het mogelijk is om de overkant te halen zonder natte voeten en zonder uit te glijden. Zeker op de spiegelgladde stenen onder de waterlijn is dat nog niet zo eenvoudig. De wandelstokken zijn dan ook erg handig. 's Middags lopen wij even letterlijk in de wolken. Voor een tijdje best grappig maar het moet niet te lang duren. Mist hebben wij thuis ook wel. Gelukkig klaart het na een uurtje ook al weer op. Volgens de kaart belooft het laatste deel van de route steil door de hoogtelijnen te gaan. Wij vrezen een "vervelende" afdaling maar de Denen die wij tegen komen beloven ons dat de afdaling een stuk eenvoudiger is dan dit deel van de route beklimmen zoals zij hebben gedaan. Daar vertrouwen wij dan maar op en zij hebben gelijk. Een paar passages durven wij niet aan. Niet door grote hoogte verschillen, maar wij vinden de kans op uitglijden en vallen te groot. Gelukkig kunnen die met een eigen alternatieve route omzeilen. Maar als je dan denkt dat je alles gehad hebt, dan kom je bedrogen uit. De Denen hadden ons niet verteld dat er nog enorme modderpoelen overwonnen moesten worden. Maar zoals met zoveel problemen kom je ook hier wel overheen. Het geplande eindpunt Gjendebu halen wij net niet. Rond een 19.00 uur is het nog een paar kilometer maar wij houden voor gezien voor vandaag. Het wordt het tijd voor het opzetten van de tent en het koken van een warme maaltijd. De hele dag hebben wij bijna geen mensen gezien maar het laatste uur lopen er heel veel mensen voorbij. Verbazingwekend om te zien dat sommigen er op het laatste stuk naar de hut er zo totaal doorheen zitten. De drie Duitse meisjes zijn toch wel het toppunt. Bij één van de meisjes was nog duidelijk zichtbaar dat zij eerder op de dag tot haar middel in de modder was gezakt. Wij riepen nog vriendelijk "Hello" maar daar wordt totaal niet op gereageerd. Het lijken wel zombies.

Panoramma tussen Kjeldebu en Dyranut


Richtingaanwijzer
Dyranut
Volgens planning om 10 uur weer op pad. Na een paar kilometer is de hut Gjendebu in zicht. De hut ziet er niet zo mooi uit als voorgaande hutten. Het voldoet niet aan ons beeld van hoe een hut eruit zou moeten zien. Er hangen wat "bekende" broeken aan de waslijn te drogen. De Duitse meisjes hebben hier dus onderdak gevonden. De bewoonde wereld komt steeds dichterbij. Hier lopen zelfs dagjesmensen met kinderen. Vreemde gewaarwording, maar geen wonder want ook hier heb je nog een schitterend uitzicht. De doorgaande weg kan toch niet meer ver weg zijn. Rond 15.00 uur kijken wij goed naar links en naar rechts. Er rijden hier auto's en dat zijn we niet meer gewend. Aan de doorgaande weg ligt de hut Dyranut. Binnen valt er even lekker te eten en met onze mobiele telefoon kan er nog even gebeld worden met het thuisfront voordat wij verder gaan richting Sandhaug. Wij lopen door tot 18.30 uur. Snel het tentje opzetten. In de stroom naast de tent is het water warm genoeg om even te badderen. Normaal zie je hier niet zoveel dieren, althans wij niet, maar vandaag toch aardig wat gezien: een roofvogeltje, soort van kwartels en zelfs een lemming. Niet te veel en zeker geen dooie, want daar liep het veel te snel voor

Het hondje in Sandhaug
Sandhaug
Het landschap is hier totaal anders. Het is glooiend en ontzettend wijds. Eigenlijk zelfs misschien een beetje saai te noemen. Kilometers ver kun je kijken, in alle richtingen. Het zonnetje staat hoog aan de hemel. Nog steeds zijn de gletsjertongen te zien van de Hardangerjøkulen. Het landschap is vlakker maar dat betekend niet dat het echt op schiet. Overal liggen her en der stenen op het pad en dat loopt niet echt gemakkelijk. Een dag in zo'n landschap is lang genoeg vinden wij. Gelukkig, als wij 's avond in Sandhaug zijn, zien wij dat daarna het landschap interessanter wordt. Bij deze hut gaan wij ook kamperen. Nou ja, bij de hut. Het is wel een hele tippel om van ons kampeerplekje bij de hut te komen. En er zijn eigenlijk maar weinig plekken waar de tent kan staan. 's Avonds een wel verdiende douche en in de hut warm eten. De volgende dag wordt een rustdag. Een dagje relaxen in Sandhaug. De was moet inmiddels ook een keer gedaan worden. En de rest van de dag doen wij (bijna) helemaal niets, een boekje lezen, een beetje spelen met de hond. Een hond die nooit van ophouden weet. Dus als je in Sandhaug komt geef de hond een aai en je bent gewaarschuwd: een keer beginnen met spelen is gelijk nooit meer ophouden. Deze hond is echt een aanhouder maar een wel erg lief beest.

Een leuk plekje
Een leuk plekje
Wanneer wij nog op één oor liggen rommelt het een beetje in de verte. Het gaat nog een beetje regenen ook, maar voor het oppakken is het al weer droog. Wel zo handig. De zon schijnt zelfs nog een beetje. De hond krijgt nog een aai en dan op weg naar Besså. Deze hut ligt aan de andere kant van het meer. Het pad loopt om het meer heen en het loopt redelijk snel op, omdat het vlak is. Zo af en toe is het een beetje soppig, maar als het te erg wordt liggen er vlonders. Na Besså gaat de route weer omhoog de bergen in richting Litlos. Het landschap is nu niet meer zo vlak en daardoor ook leuker om doorheen te lopen. Voorbij Litlos gaan wij kamperen. In de hut krijgen wij aanwijzingen waar het mooi kamperen is. Maar helaas, het plekje wat ons in de hut werd aangeraden blijkt al bezet te zijn. Maar wij vinden nog wel een ander leuk plekje aan het meer. Plek zat hier.

Kamperen bij meertje
Vroeg stoppen
Het zonnetje schijnt al weer lekker. Vandaag gaat de route door een afwisselend landschap tussen berghellingen door. De paden zijn niet lastig. Zo af en toe een klimmetje. Over het algemeen goed te doen. De route gaat langs een flink aantal meertjes. Bij het zoveelste meertje besluiten wij om eerder op de dag te stoppen met lopen. Bij dit meertje zetten wij de tent op, doen het verder rustig aan en kruipen vroeg in de slaapzak.

Zoeken naar het volgende rode T-tje Nog even op de kaart kijken Afdaling
Spoorzoeken
Om 9.30 uur zit alles al weer in de rugzak. Gisteren was het nog redelijk warm weer, maar vandaag is het een stuk kouder. Het eerste stuk kan de jas er wel bij aan. Redelijk snel op de route komen bij het eerste opstakel van vandaag: een "fording place". Zoals gebruikelijk mag ik het weer als eerste proberen. Het is even puzzelen, maar het lukt om met droge voeten de overkant te halen. Wij gaan weer verder. Het wordt nu wel steeds lastiger om de route in het landschap te herkennen. Bovendien komen wij sneeuwmassa's tegen waar wij niet overheen durven. Het loopt schuin naar beneden en eindigt beneden ergens in het water. Dan maar er omheen, hoewel dat wel veel meer tijd kost. Rond 12.00 uur bereiken wij de hut Tyssevassbu. Even lunchen en dan verder. Maar, 's middags is het al niet veel beter. De rode T's zijn spaarzaam te vinden. Zeker op de plekken waar je twijfelt waar de route loopt staan weinig T's. Op een gegeven moment lijkt de route over een sneeuwmassa naar beneden te lopen. De rode T met een grote pijl eronder op de rots is daar heel duidelijk in. Eenmaal beneden loopt er een snel stromend riviertje met water tot over de knieen. "Is dit wel de juiste route?". Wij lopen weer terug, maar de route lijkt hier toch echt langs te lopen. Op zo'n moment is een verrekijker wel handig, want aan de andere kant is een rode T te ontdekken. Er zit niets anders op om de schoenen maar uit te doen en op blote voeten eerst de rugzakken en daarna de fototoestellen naar de over kant te brengen. De wandelstokken komen ook hier goed van pas, maar dan moet je ze wel vast houden. De wandelstokken blijven namelijk goed drijven en zijn zo een eind verder in het snel stromende water als je ze los laat. Zo hielden wij dus nog één stok over. Dat is balen. De weg wordt al zoekend vervolgd. Aan de andere kant lijkt het erop dat er ook een mogelijke alternatief was geweest om de delta over te steken (met droge voeten). Wij kijken nog maar eens goed op de kaart. Geen twijfel mogelijk wij hebben gelopen zoals op de kaart stond en de pijlen wezen ook deze richting op. Rond 16.30 komen wij een vrouw tegen die nog naar Tyssevassbu wil lopen. Zij is rond 11.30 vertrokken bij de hutten in omgeving van Tyssesete. Wij vragen nog even hoe de route verderop is en of er kampeermogelijkheden zijn. Maar zij loopt van hut naar hut en let daar eigenlijk niet zo op. Vlug doorlopen want zo te zien moeten wij nog wel een heel stuk lopen en er moet nog wel een kampeerplekje gevonden worden. Liefst niet al te hoog in verband met de kou. Rond 20.00 lukt het om een leuk kampeerplekje te vinden. Morgen nog een afdaling en dan bereiken wij weer wat bewoonde wereld.

Afdaling in plaats van kabelbaan
Kabelbaantje
Rond een uur of 10.00 beginnen wij weer met lopen. Verder naar beneden. Gisteren dachten wij nog dat er weinig kampeerplekjes waren maar hier is ruimte genoeg. Bij het meertje is nog voldoende plek. Als wij dat geweten hadden, dan waren wij hier gaan staan. Lekker dicht bij het meer. Nu begint het pad steiler naar beneden te lopen richting de hutjes. De afdaling is lang maar goed te doen. Tussen de hutjes door loopt het pad weer redelijk vlak. Sommige hutjes zien er heel mooi uit. Hier komen wij nog een paar Duitse toeristen (let wel: toeristen en geen lopers) tegen die zonder kaart en zonder proviant of andere noodzakelijk zaken richting Trolltunga lopen. Heel verstandig joh! Op onze kaart staat Trolltunga niet aangegeven, noch het pad er naar toe. Zelf wisten de Duitsers ook niet wat het eindpunt was of wat ze ervan moesten verwachten. Dus dat gaat vast goed, of niet? Redelijk gemakkelijk komen wij dan bij het eindpunt van de kabelbaan. Maar er is hier niet voor niets een kabelbaan en helaas ... gisteren was de laatste dag van het seizoen. Het kabelbaantje gaat dus niet meer. Er volgt nog een behoorlijk steile afdaling. Die afdaling is niet eng maar wel erg steil en lang. En dan te bedenken dat wij gisteren nog het kabelbaantje konden nemen. Beneden, vanaf het begin van de kabelbaan, is het nog 7 kilometer lopen naar Tyssedal. Maar dat is gewone weg. Wanneer wij in het dorp komen rijden er geen bussen meer naar Geilo. Dat betekent dus in Tyssedal overnachten, in het hotel. Weer een gewoon bed en een douche zonder tijdschakelaar.
Hotel
Met de bus rijden wij vanuit Tyssedal naar Ustaoset. Dat is nog een behoorlijk stuk rijden, maar vanuit de bus heb je wel een prachtig uitzicht. De bus gaat eerst langs het water (Sørfjorden en Eidfjorden) en stopt ook bij de beroemde Vøringsfossen (waterval). Maar voor de waterval moet je wel uit de bus stappen om er heen te lopen. Wij blijven zitten en crossen met de bus nog de hoogvlakte over. In Ustaoset is het de bedoeling om de laatste paar dagen in het hotel te zitten. Lekker luieren, boek uitlezen e.d. Helaas heeft een universiteit het hele hotel afgehuurd. Er zit niets anders op om de volgende bus te pakken richting Geilo. Daar is ook nog een mooi hotel met zwembad en sauna. Nadat wij ons geïnstalleerd hebben op de hotelkamer, gaan wij op zoek naar het leuk klein restaurantje. Uit eten doen wij maar niet in het hotel. Dat is een beetje te massaal.
O jee, er staan Oad bussen op het parkeerterrein. Er blijkt in dit hotel een grote grijze Nederlandse golf neergestreken te zijn. En dat is te merken ook. Wat een stemvolume hebben sommigen. Tien meter verderop schijn je nog in staat te moeten zijn om een gesprek te kunnen volgen. Wat een "rust".
Later horen wij dat het avondeten in het hotel in buffetvorm is. De hotelgasten staan dan in lange rijen met het bordje in de hand klaar om het eten opgeschept te krijgen. Het deed die persoon denken aan militaire legering. Nu weten wij het zeker. De volgene dag gaan wij zeker niet in het hotel eten. Desnoods naar hetzelfde restaurant, maar zeker niet in het hotel. Overigens op de kamers, het zwembad etc. is niets op aan te merken.
  Fietsen naar Finse
Volgens de receptie van het hotel zou er 's morgens om 9.10 uur een bus naar Haugerstøl moeten gaan. Dat blijkt dus 11.40 uur te zijn. Veel te laat, om in Haugerstøl nog fietsen te huren om naar Finse te rijden. Gelukkig gaat er eerder nog een trein. Rond 11.15 zitten wij op de fiets en volgen de Rallervegen richting Finse. De Rallervegen is een oude materiaalweg die aangelegd is om de spoorlijn Oslo-Bergen aan te leggen. Het eerste stuk is de weg redelijk goed, maar dichter bij Finse wordt het zwaarder. Stukken met losse stenen. Hier en daar een klimmetje die nooit echt lang zijn. Sommige mensen lopen de zwaardere stukken, maar alles is wel te fietsen. Diegene die hier een geasfalteerd fietspad verwachten kunnen beter thuisblijven. Op dit deel van het traject is het pad nog behoorlijk breed en zeker goed te doen. Ten allen tijde moet je overal goed op het pad letten want losliggende stenen of brokstukken en diepe gaten kom je hier veel tegen. Toch is het zeker een aanrader voor fietsers ook al is het verstandiger om af te stappen om van het geweldige uitzicht te genieten. Geleidelijk aan gaat het steed hoger en rond 14.15 komen wij in Finse aan. Na Finse is het pad veel smaller en wordt het soms een geitenpad. Ook moeten er dan soms stukken sneeuw met de fiets aan de hand worden overgestoken. Maar, dat stuk hebben wij drie jaar geleden al een keer gelopen. Verder dan Finse gaan wij niet, want voor 17.00 moeten de fietsen weer ingeleverd zijn. Er is nog wel tijd voor een goed gevuld soepje. En goed gevuld was deze zeker! Het voordeel van omhoog is dat je daarna ook vaak weer naar beneden rijdt. En rond 16.30 kunnen de fietsen (onder het stof) weer ingeleverd worden. Met de trein rijden wij weer terug naar Geilo. Nog even zwemmen, uit eten en dan kunnen de rugzakken ingepakt worden voor de terugreis naar huis.
Informatie   -    Fotoboek   -    Routekaart